#Rio2016: de problemen met het huidige Olympische model (1)

Twee weken geleden schreef ik over de problemen in de voorbereiding, waarmee #Rio2016 te kampen heeft. Ik besloot dat artikel met de opmerking dat het tijd werd voor een nieuw Olympisch organisatiemodel. Daarom deze reeks in het kader van #Rio2016. Vandaag episode nummer 1: wat is er eigenlijk mis met het huidige Olympische model?

Geld, geld, geld
De problemen met het huidige Olympische model kunnen niet los worden gezien van geld. Sinds de eerste moderne Spelen in 1896 van Athene is de sport geprofessionaliseerd en gemondialiseerd, wat terug te zien is in de grootsheid van het Olympische evenement. Bovendien is de aandacht toegenomen en is het aantal sporten op de Spelen fors toegenomen. In 1896 waren er nog 43 evenementen verdeeld over 9 sporten. 241 atleten uit 14 landen namen deel. In Amsterdam in 1928 waren er al 2883 deelnemende atleten uit 46 landen. Het aantal sporten was gegroeid naar 14, met al liefst 109 evenementen. Deze weken zijn er meer dan 11.000 atleten uit 206 landen, die deelnemen aan 306 evenementen in 28 sporten.
Grafiek kosten spelen
Voor al die atleten moet een onderkomen worden geregeld, net als voor de fans en voor de media uit de verschillende landen. Voor al die sportevenementen moeten scheidsrechters worden ingevlogen en belangrijker nog, moeten stadions worden gebouwd. En wat kost dat? Het verschilt per evenement. Volgens de NOS kostten de Spelen van Londen 15 miljard euro, die van Peking 6,8 miljard euro en de Winterspelen van Sotsji 21,9 miljard euro. (Overigens kan dat ook goedkoper, zie bijgevoegde grafiek met hier de bron).

Bovendien zijn die kosten fors groter dan vooraf gedacht: gemiddeld kosten de Zomerspelen 176 procent meer dan gedacht, en de Winterspelen 142 procent, bleek uit recentelijk onderzoek van de Universiteit van Oxford. Waarom? Ruud Koning, hoogleraar sporteconomie aan de Rijksuniversiteit Groningen, beantwoordt die vraag op de site van de NOS:

“Ten eerste is het makkelijker te verkopen als je de kosten lager inschat. En ten tweede door de begindatum van de Olympische Spelen. Dat zorgt voor een strakke deadline.”

Los van de hoeveelheid geld waar het om gaat, moet je ook beantwoorden of je dat geld niet beter kunt besteden.

Planning van bouwprojecten
Niet alleen zorgt de strakke deadline van de startdatum van de Spelen voor financiële tegenvallers, ook zorgt het voor paniek in het organiserende land. Bijna zonder uitzondering wordt er aan de noodklok getrokken wanneer organiserende landen nog onvoldoende voortgang hebben geboekt op hun bouwprojecten, terwijl de Spelen naderen. Ook in Brazilië waren er alarmerende berichten, al lijken de eerste sportevenementen in Rio zonder problemen te verlopen. Met uitzondering van die wind op de roeibaan dan.

Duurzaamheid van stadions
Als al die miljarden door het organiserende land dan zijn uitgegeven aan grote sportstadions met dito infrastructuur, is het een uitdaging om een nieuwe bestemming voor deze onderkomens te vinden. Niet iedere stad heeft immers behoefte aan een volleybalstadion of basketbalstadion met meer dan 10.000 toeschouwers, en maar weinig clubs hebben de financiële mogelijkheden om de onderhoudskosten hiervoor op te hoesten.
athletics-memorial-van-damme-brussels-3-1566114-1279x852
Wat er dan met de onderkomens gebeurt? Kijk maar naar de foto’s van de onderkomens van de Spelen van 2004 in Athene. Als er dan toch zoveel miljarden in de organisatie wordt gestoken, moet er dan geen oplossing worden gevonden voor dit probleem om het geld in ieder geval in nuttige sportinfrastructuur te investeren?

Prestige of prestatie?
Door bovenstaande redenen is er bijna geen weldenkend land meer dat de Spelen wil organiseren. En als het dat wél zou willen, verliest het het bid van een land dat met ambitieuze plannen en grote uitgaven de wereld wil beïnvloeden. Denk maar aan de Spelen van Sotsji of die van Beijing. Rio de Janeiro is de meest bekende stad van het BRIC-land Brazilië, terwijl in 2022 de Winterspelen opnieuw in Beijing zullen plaatsvinden. Regeringen met grote potten geld kunnen de Spelen nog organiseren, voor kleinere landen is dit compleet onmogelijk geworden. Waar Amsterdam in 1928 nog de Spelen kon organiseren en Antwerpen in 1920, maar ook Athene in 2004, is dat nu niet meer financieel verantwoord. En als de risico’s toch worden genomen, lijkt dat onverstandig.

Met andere woorden: de Spelen zijn meer een prestigeproject geworden dan een prestatie-evenement.

Het bidproces
Aangezien er landen veel aan gelegen is om de Spelen te organiseren, omdat het zo’n belangrijk prestige-object is geworden, en het bidproces veelal in nevelen is gehuld, biedt dat kansen voor organisaties die de Spelen met zwart geld of cadeaus willen bemachtigen. Rondom de toewijzing van de Spelen aan Tokio in 2020 hing al een zweem van corruptie. Ook rondom de organisatie van #Rio2016 werd al een onderzoek ingesteld, al ging dat meer over aanbestedingen aan bouwbedrijven in Rio, en minder over de toekenning van de Olympische organisatie aan Brazilië. De vaagheden rondom het bidproces doen de Olympische Spelen geen eer aan.

Natuurlijk is dit een op zichzelf staand probleem. Een ander organisatiemodel kan het echter een stuk minder aantrekkelijk en grotesk maken om de Spelen te organiseren, waardoor er minder aan gelegen is om als organisatiecomité de organisatie te bemachtigen. Hierdoor worden de belangen kleiner.

Wat gaat wel goed?
Niet alles is kommer en kwel. Het huidige organisatiemodel heeft als voordeel dat de organisatie voortdurend rouleert. Steeds krijgt een andere stad het voorrecht om het Olympische circus binnen te halen. Doordat alle sporten op een klein gebied plaatsvinden (enkele uitzonderingen zoals voetbal daargelaten, en bijvoorbeeld paardensport in 2008) ontstaat er een ware Olympische sfeer in zo’n stad en ontstaat er ook een bijzonder teamgevoel over verschillende sporten heen. Alle Nederlanders gaan elkaar aanmoedigen, ook al beoefenen ze totaal andere sporten. TeamNL is écht een begrip.

Conclusie
Hoewel het grootste sportevenement ter wereld een lust voor het oog is van de sportliefhebber, en ook ik wekenlang aan de buis gekluisterd zal zijn, is er nogal wat aan te merken op het huidige Olympische organisatiemodel. Hoewel het ook zijn goede kanten heeft, loont het de moeite om na te denken over alternatieve organisatiemodellen. De komende tijd probeer ik enkele voorstellen te doen op dit blog. Het blijven gedachtenexperimenten, maar wellicht kunnen deze de zwaktes van het huidige organisatiemodel verkleinen en tegelijkertijd de kracht van de moderne Spelen zoveel mogelijk behouden. Op zoek naar een duurzaam Olympisch organisatiemodel dus!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.