Toon van Helfteren kraakt Nederlandse “sportcultuur”

Pakweg anderhalf jaar geleden sprak ik voor dit blog Mark Versteegen, het Hoofd Sponsoring van KPN. In ons gesprek kraakte hij al de Nederlandse (top)sportcultuur:

“Als echte, professionele topsport in Nederland zijn, hoe ik het van afstand zie, alleen het wielrennen, het schaatsen, tennis en het voetbal echt goed georganiseerd. Toch is iedereen tijdens pakweg een EK volleybal of een WK beachvolleybal hartstikke enthousiast en staan we in een vol Ahoy te springen. Een week later is echter een competitiewedstrijd in de Nederlandse volleybalcompetitie en daar kijkt niemand meer naar en geen televisiestation zendt het meer uit. Bij de organisatie van een EK volleybal of een WK beachvolleybal worden dan ook vaak professionele sportorganisatiebureaus ingeschakeld. De bond heeft daarentegen verenigingen, en die verenigingen organiseren landelijke competities en landelijke wedstrijden. Binnen die verenigingen zijn bij veel sporten echter uitsluitend vrijwilligers werkzaam. Dat is fantastisch en uniek, want hierdoor bloeien ook veel sportverenigingen. Qua topsport is het echter gedateerd en kun je er beter professioneel management op zetten.”

Toon van Helfteren, bondscoach van de Nederlandse basketbalmannen en in dagelijks leven sportleraar geweest op een school in Dordrecht, vergeleek deze week de Nederlandse sportcultuur met die in Bosnië tijdens een gesprek met Mart Smeets voor Trouw. In tegenstelling tot wat er op de Balkan gebeurt, lijkt het Nederlandse sportsucces vaker gebaseerd op toevalligheden en individuele opofferingen, anders dan gericht en succesvol beleid.

“Hij (de assistent-bondscoach van Bosnië, MW) vertelde dat in zijn land er op scholen gericht les gegeven wordt in lichamelijke oefening. Ondanks de oorlogen en de armoede wordt in alle Balkanlanden op dagelijkse basis bewust gestreefd naar sportles op school. Wij, in het rijke en moderne Nederland, komen daarbij niet in de buurt. En de resultaten zijn zo duidelijk zicht- en voelbaar. Wij staan te juichen met olympische winnaars, met onze politici voorop, maar we vergeten dat hun succes voortkomt uit privé-acties van die sporters en hun omgeving. Wij hebben geen sportcultuur, wij doen maar wat. Collega’s van mij en ik roepen al jaren om een ernstig verbeterde aanpak van ons gymnastiekonderwijs. Daar ligt de basis voor succes, maar niemand luistert. Je moet eens kijken hoe wij moeten werken, hoe wij moeten schrapen om tot trainingsuren en faciliteiten te komen, hoe wij die jongens moeten begeleiden.”

De basketbalmannen hebben inderdaad al jaren te kampen met een tekort aan funding. Nadat de stichting Oranje basketball het herenteam uit het slop trok en zelfs het EK basketbal werd bereikt, hebben de mannen vorig jaar plaatsing voor het EK gemist waardoor er weer een stap terug is gedaan. De voorwaarden om echte topsport te bedrijven zijn maar in beperkte mate aanwezig en de aandacht voor de basketbalmannen is zeer beperkt. Van Helfteren gaf als voorbeeld aan dat de oefenwedstrijden in Italië door enkele Nederlanders werden bezocht, maar wel live op televisie in Italië werden uitgezonden. De komende weken speelt Nederland pre-WK kwalificatiewedstrijden, waarmee het zich kan plaatsen voor de WK kwalificatie-nieuwe stijl. Daarin zal Nederland het vervolgens ook opnemen tegen één van de Europese toplanden die als groepshoofd mee moeten gaan doen in deze groepen.

Qua landbreed sportbeleid vrees ik dat Van Helfteren en Versteegen weleens gelijk kunnen hebben. De financiering van NOC*NSF loopt achter de ontwikkeling aan (sporten die een grote medaillekans hebben krijgen meer geld), terwijl je beter kan investeren in de basis van sporten zodat die in de toekomst medailles kunnen opleveren. De centrale overheid draait de geldkraan steeds meer dicht. Dat is ook met maatschappelijke ontwikkelingen in het achterhoofd en de gevolgen van de crisis, waarna het geld beter anders besteed kon worden, maar heeft wel direct impact op het sportbeleid. Investeren in gymlessen op school zou een prachtige oplossing zijn. Het zorgt niet alleen voor een versterking van de volksgezondheid, maar kan ook een gerichte impuls geven aan het Nederlandse sportlandschap. Zeker wanneer daarin de samenwerking met gemeentes en sportbonden en -clubs gevonden kan worden.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.